Dat oa zong ik elke morgen, een groet aan de Buddha.
Terug van weggeweest. En dat kan je wel degelijk zeggen. Elf dagen in de tempel en in die elf dagen ben ik 1 keer buiten het terrein geweest, toen we op zondag de straat opgingen om de offeringen van de mensen aan te nemen. Heel ontroerend trouwens, die oude traditie. De Vrouwlijke monikken (ze willen neit anders genoemd worden) in saffraankleurige gewaden vooraan met hun kommen. Wij (nonnen) erachter in onze lange witte kleren, lange rok en zeer beleefd hemdje.
Weg van de wereld. Geen gsm, geen internet, geen muziek, niets. Om vijf uur opstaan om gebeden te zingen en te mediteren. Helpen in de keuken, maar 2 maal per dag eten. Om 7u30 en om 11u30. Je aan alle regels proberen houden. De 8 precepts nemen. Dat wil zeggen: niet doden, niet stelen, no sexual involvement, niet liegen, niets innemen van alcohol, drugs enz, geen voedsel meer na de middag, jezelf niet mooi maken, op geen enkele manier, en geen muziek en entertainment, niet op een hoog bed slapen.
Dat wil zeggen: veganistisch eten (heel lekker!), in het gezelschap zijn van een man is al niet zo goed voor de reputatie, er zijn geen spiegels te bekennen, je slaapt op een houten bed met een heel dun tapijtje op.
Daarbij komen er dan nog allemaal andere beleefdheidsregels. Niet lopen, niet met je handen eten (moeilijk in Thailand), respect tonen voor de vrouwlijke monikken (door te knielen en drie maal te buigen, handen gevouwen, net zoals je respect toont aan een Buddhabeeld.)
Kaal ben ik niet. Ik moet jullie teleurstellen. Het was een heel gedoe dat ik dat vroeg, ze snapten er niets van dat ik dat wilde, vonden me te jong en ik bleef niet lang genoeg en nog wat dingen.
Maar het was er interessant. Veel geleerd over het Buddhisme, meer nog over hoe ernaar leven dan alleen theorie. Ook meditatie geoefend, hoofdmassage geleerd.
De moeder is een heel slimme vrouw, een voormalige proffessor op unief in Buddhisme en filosofie, grote naam, had een televisieprogramma, verdiende goed. Op haar 58e heeft ze alles opgegeven om de weg van haar moeder te volgen, die de tempel heeft opgericht. Ze is de eerste vrouwlijke monnik in Thailand en wordt zelfs niet erkend door de regering. Ze voert een feministische strijd om vrouwen hier evenveel spirituele rechten te geven als mannen hebben. De monikken zijn in het oranje gekleed en nonnen in wit. Nonnen hebben niet echt een status en zorgen voor het huishouden in de temple van de mannen. En zij was de eerste hier die monnik werd, waarvoor ze naar Sri Lanka moest.
Elf dagen was genoeg. Ik ben blij dat ik terug hier thuis ben. Wat de moeder in de temple ook al eesn zei is dat het leven met al die regels eigenlijk niet natuurlijk is, maar dat het als het ware een shortcut is naar verlichting. Dat je door die manier van leven vlugger inzicht krijgt in de dingen zoals ze zijn. Maar het vergt een zekere inspanning en persoonlijk, hoewel ik het er goed heb gehad, was ik blij dat ik terug kon keren naar de wereld. In feite was e rook een beetje te weinig te doen voor mij. Ja, wat huishoudelijke klusjes, maar niets waar je je handen mee vol hebt, waar je echt mee bezig kan zijn. Behalve lezen dan, en mediteren en slapen.
Vorig weekend vond er ook een grote ceremonie plaats. De verjaardag van de vrouw die het gesticht heft, dat ze mag rusten in vrede, 48 jaar tempel en de opening van een nieuw gebouw met de medicijnenbuddha, waar mensen kunnen komen bidden en ik den kook erge zieken kunnen verblijven. Groots. Thais hebben dan altijd van die optochten en dat was wel de mooiste die ik al heb gezien. Ook de dans was heel mooi, gedanst door leraars op de unief. Alles heel kleurig en heel verzorgd.
Nu ben ik dus terug in mijn gastgezin voor twee weken. Het waterfestival is begonnen. Later meer daarover, het is vandaag nog maar de eerste dag.
Thais tonen hun gevoelens niet, maar blijkbaar heeft mijn gastvader tegen een vriend gezegd dat hij niet weet hoe hij en zijn gezin gaan reageren als ik echt wegga. Dat ik er gewoon bij hoor. En die vriend heeft dat dan weer tegen mij gezegd (is een goede vriend geworden die me af en toe eens ergens naar meeneemt.) En aw, het zal moeilijk zijn om weg te gaan.